Er was eens

Sjaak en de bonenstaak

D

e oude weduwe stuurde Sjaak daarom op een ochtend naar de markt om de koe te verkopen. Sjaak wilde hier niets van weten, hij zocht liever een baan. Zijn moeder antwoordde: “Sjaak dat heeft geen zin, niemand wil je hebben.” Sjaak vertrok met de koe. Onderweg kwam hij een slager tegen. De slager was erg geïnteresseerd in de koe en hield Sjaak een handvol bonen voor. De slager beweerde dat deze bonen veel waard waren en wist ze bij de domme Sjaak te wisselen voor de koe. Toen Sjaak thuis kwam en de bonen aan zijn moeder liet zien, was ze erg teleurgesteld. Ze huilde tranen met tuiten en wist zich geen raad meer: nu hadden ze en geen eten en geen geld. De arme Sjaak was ziek van berouw en hij kon de slaap niet vatten. Toen de morgen aanbrak, had hij een besluit genomen: hij zou de bonen planten en hopen dat er iets eetbaars zou groeien.