Er was eens
Het meisje met de zwavelstokjes
T
oen ze van huis vertrok had ze pantoffels aangehad, maar die waren haar te groot. Onderweg was ze ze verloren en nu moest ze verder op blote voeten. Ze zagen inmiddels rood en blauw van de ijzige kou. Het arme meisje droeg ook een oud schort, daarin had ze een paar bosjes met zwavelstokjes gestoken. Ze hield er een aantal in haar hand, maar niemand had nog iets van haar gekocht. De hele dag niet.
Met lege handen en zonder geld kon het meisje niet naar huis. Dus bleef ze wanhopig proberen haar zwavelstokjes te verkopen. Ze was verkleumd en hongerig en niemand had oog voor haar. De sneeuwvlokken kleefden in haar prachtige krullen en in alle ramen zag ze gelukkige gezinnen weerspiegeld.
