Er was eens
De Gelaarsde kat
D
e Gelaarsde Kat ging meteen op weg naar het paleis en hij gedroeg zich zo deftig dat hij onmiddellijk tot de koning werd toegelaten. De koning was een vrolijke man en dol op konijnen, daarom was hij verrukt toen de Gelaarsde Kat hem het gevangen konijn voorhield.
“Majesteit,” sprak de Gelaarsde Kat, “hier is een cadeautje van mijn edele meester, de Markies van Carabas.” Dat was de naam die de Gelaarsde Kat voor de arme molenaarszoon had bedacht.
